Page 18 - Inspectierapport Konijn & Ko 12-11-2025
P. 18

Gebruik van de voertaal

De Nederlandse taal wordt als voertaal gebruikt. Daar waar naast de Nederlandse taal de Friese
taal of een streektaal in levend gebruik is, kan de Friese taal of de streektaal mede als voertaal
worden gebruikt.

Indien de herkomst van de kinderen in specifieke omstandigheden daartoe noodzaakt, kan mede
een andere taal als voertaal worden gebruikt, overeenkomstig een door de houder van het
kindercentrum vastgestelde gedragscode.
(art 1.55 lid 1 en 2 Wet kinderopvang)

OF

Een kindercentrum kan in afwijking van Nederlands als voertaal, meertalige kinderopvang
aanbieden waarbij voor ten hoogste vijftig procent van de openingstijd per dag de Duitse, Engelse
of Franse taal als voertaal wordt gebruikt, met uitzondering van de voorgeschreven tijd die het
kindercentrum minimaal besteedt aan voorschoolse educatie. In afwijking daarvan kan onder
voorwaarden een hoger percentage gehanteerd worden in geval van ziekte, vakantie of verlof.
(art 1.50 lid 2 onder b, 1.55 lid 1, 3, 4 en 5 Wet kinderopvang; art 18a lid 1 en 2 Besluit kwaliteit
kinderopvang)

Veiligheid en gezondheid

Veiligheids- en gezondheidsbeleid

De houder van een kindercentrum heeft voor elk kindercentrum een beleid dat ertoe leidt dat de
veiligheid en gezondheid van de op te vangen kinderen zoveel mogelijk is gewaarborgd. De houder
draagt er zorg voor dat er in de buitenschoolse opvang conform het veiligheids- en
gezondheidsbeleid wordt gehandeld.
(art 1.49 lid 1 en 1.50 lid 1 en 2 Wet kinderopvang; art 13 lid 1 Besluit kwaliteit kinderopvang)

De houder of voorgenomen houder van een kindercentrum stelt het veiligheids- en
gezondheidsbeleid schriftelijk vast en verstrekt dit bij de aanvraag tot exploitatie. De houder
evalueert, en indien nodig actualiseert, het veiligheids- en gezondheidsbeleid binnen drie maanden
na opening van het kindercentrum. Daarna houdt de houder het veiligheids- en gezondheidsbeleid
actueel.
(art 1.49 lid 1 en 1.50 lid 1 en 2 Wet kinderopvang; art 13 lid 2 Besluit kwaliteit kinderopvang)

Het veiligheids- en gezondheidsbeleid omvat een concrete beschrijving van de wijze waarop de
houder van een kindercentrum er zorg voor draagt dat het veiligheids- en gezondheidsbeleid
samen met de beroepskrachten een continu proces is van het vormen van beleid, implementeren,
evalueren en actualiseren.
(art 1.49 lid 1, 1.50 lid 1 en 2 en 1.60c lid 1 Wet kinderopvang; art 13 lid 3 onder a Besluit kwaliteit
kinderopvang)

                                                                                  18 van 24

Definitief inspectierapport buitenschoolse opvang jaarlijks onderzoek 13-11-2025
Konijn & Ko 8+ BSO te Lochem
   13   14   15   16   17   18   19   20   21   22   23